Een nieuwe methode voor de meting van CO2-emissie door containerterminals : een kansrijke benadering toegepast Rotterdam

J.H.R. van Duin, H.Geerlings


Er is een toenemende druk op overheid en bedrijfsleven om te komen tot het ontwikkelen van klimaatvriendelijke strategieën. Uit de aandacht voor het klimaatdebat krijgt in de media blijkt dat het voor overheden en bedrijven niet meer mogelijk een beleid te voeren zonder daarbij aandacht te besteden aan de effecten op klimaatverandering. Naast internationale (multilaterale) afspraken zoals het Kyoto-accoord en nationale beleidsvoornemens worden er ook verschillende andere initiatieven opgestart die tot doel hebben de uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen te stabiliseren en terug te dringen. Eén van deze initiatieven is het Clinton foundation Climate Initiative (CCI), met als doel de grootste steden wereldwijd te verenigen in een ambitie de uitstoot van CO2 met een aanzienlijk percentage te verlagen voor het jaar 2025. In het kader van het CCI heeft Rotterdam een eigen ‘Rotterdam Climate Initiative’ (RCI) opgesteld. Het RCI heeft zich ten doel gesteld om in 2025 de CO2-uitstoot in de regio met 50% terug te dringen ten opzichte van het niveau in 1990. Rotterdam heeft, als enige havenstad van de 40 steden die in het CCI participeren, zelfs de ambitie uitgesproken om in 2025 ‘World Capital of CO2-free Energy’ te zijn. Een enorme uitdaging dus voor een stad met één van de grootste energiehavens wereldwijd. De havenstad richt zich zoals blijkt uit de term ‘World Capital of CO2-free Energy’ in belangrijke mate op de energiesector vanwege het belang van het petrochemisch-complex.. maar een andere opvallende sector in de Rotterdamse haven is de containersector, de snelst groeiende industrietak. Vooral de laatste jaren heeft de containeroverslag in de Rotterdamse haven een explosieve groei doorgemaakt. Door de sterk groeiende stroom containers vanuit Azië, met name vanuit China, en door de ontwikkeling van Maasvlakte 2 is de verwachting dat deze groei alleen maar zal toenemen. Gevolg hiervan is dat de containersector zonder maatregelen zijn bijdrage in de CO2-uitstoot aanzienlijk zal vergroten. Opvallend in het uitgezette beleid, zowel op nationaal als regionaal (RCI) niveau is het ontbreken van een duidelijk plan dat zich richt op deze sector. In een studie van Van der Voet (2008) wordt specifiek gekeken naar de CO2-uitstoot veroorzaakt door de containeroverslag in de haven en mogelijke oplossingsrichtingen om ook in deze sector een evenredige bijdrage te leveren aan CO2-reductie. Het ontbreekt momenteel nog aan een inzicht in de CO2-bijdrage van deze sector en aan voor te stellen beleidsmaatregelen welke genomen kunnen worden om de CO2-uitstoot in de sector te reduceren. Voor beleidsmakers en terminaloperators is het dus van belang om op een hoog niveau snel inzicht te verkrijgen in de hoeveelheid CO2-uitstoot. Het hoofddoel van dit paper is het in kaart brengen van de CO2 uitstoot door containerterminals in de Rotterdamse haven. Het onderzoek geeft inzicht in de bijdrage van overslagprocessen op de terminals hierin. Op basis van deze verkregen inzichten worden oplossingsrichtingen aangewezen en worden beleidsvoorstellen gedaan voor operators van bestaande terminals of voor overheden gericht op de ontwikkeling van nog te projecteren terminals. In deze hoofddoelstelling kunnen twee delen worden onderscheiden: • Het inzichtelijk maken van de huidige CO2 uitstoot door de deelprocessen in de Rotterdamse containeroverslag met behulp van een te ontwikkelen methode welke ook in een breder perspectief werkzaam kan zijn. • Een advies voor meest effectieve oplossingsrichtingen ter reductie van CO2-uitstoot met bandbreedtes van effecten in 2025.


« Terug